Experts waarschuwen: Lager dan DIT moet je de thermostaat ’s nachts niet instellen

thero 1jpg

Nu de gasprijzen hoog blijven, proberen veel mensen thuis energie te besparen. Een veelgebruikte manier is het lager zetten van de thermostaat, vooral in de nacht. Dat lijkt logisch: je ligt toch onder de dekens, dus waarom zou de verwarming hoog staan?

Toch waarschuwen experts dat te ver terugdraaien risico’s kan geven, zeker in de winter.

Waarom mensen ’s nachts besparen

Steeds meer huishoudens letten op hun energieverbruik. De thermostaat is vaak het eerste wat omlaag gaat.

Overdag valt dat nog mee, maar ’s nachts zetten sommige mensen de verwarming erg laag. Het idee is simpel: hoe kouder het huis, hoe minder gas je gebruikt. Dat klopt deels, maar er zit wel een grens aan.

Dit is een veilige temperatuur

Volgens deskundigen is 15 graden een goede temperatuur voor de nacht, zolang het niet vriest.

Dat is koel genoeg om te besparen, maar warm genoeg om problemen te voorkomen. Je huis blijft zo ook makkelijker op temperatuur in de ochtend.

Heb je vloerverwarming? Dan ligt die grens hoger, rond de 17 à 18 graden. Dit systeem warmt langzaam op, dus te ver terugschakelen zorgt er juist voor dat je later meer energie verbruikt.

thero 1jpg

Ook besparen overdag

Niet alleen ’s nachts kun je besparen. Veel huizen worden verwarmd terwijl er niemand thuis is.

Door overdag de thermostaat rond de 15 graden te houden, kun je ook flink besparen.

Zodra je weer thuis bent, warmt het huis meestal snel genoeg op — zolang het buiten niet extreem koud is.

Extra risico’s bij kou en vorst

Wanneer het buiten vriest, wordt een lage temperatuur binnen riskanter. Een koud huis kan sneller vochtig worden. Dat merk je niet altijd meteen.

Koude lucht houdt minder vocht vast. Daardoor kan vocht zich afzetten op ramen, muren en andere koude plekken in huis.

Vocht en schimmel kunnen ontstaan

Een vochtig huis is een plek waar schimmel kan groeien. Dat gebeurt vaak op plekken die je niet direct ziet, zoals achter meubels of in hoeken.

Schimmel kan zorgen voor klachten zoals hoesten, benauwdheid en irritatie aan de luchtwegen.

Vooral kinderen, ouderen en mensen met allergieën kunnen hier last van krijgen.

Iets warmer helpt problemen voorkomen

Een iets hogere temperatuur helpt om vocht tegen te gaan. Warme lucht kan meer vocht opnemen, waardoor het minder snel neerslaat.

Ook bij vorst wordt vaak aangeraden om minimaal rond de 15 graden te blijven, al kan dat per woning verschillen.

Slecht geïsoleerde huizen hebben soms een hogere temperatuur nodig.

WhatsApp Image 2026 03 22 at 21.53.26

Let op: kans op bevroren leidingen

Een ander risico van een te koud huis is dat leidingen kunnen bevriezen. Als water bevriest, zet het uit. Dat kan schade veroorzaken.

Sommige ruimtes, zoals zolders of garages, koelen sneller af. Daar is het risico groter als de temperatuur te laag wordt.

Handige tip voor koude nachten

Zet radiatoren niet helemaal uit, ook niet in kamers die je weinig gebruikt. Door ze een beetje open te laten, blijft het water in de leidingen bewegen. Dat verkleint de kans op problemen.

Blijf ventileren

Veel mensen houden in de winter alles dicht om warmte vast te houden.

Toch is ventileren belangrijk. Frisse lucht helpt om vocht af te voeren en zorgt voor een gezonder huis.

Je hoeft niet constant ramen open te zetten. Ventilatieroosters of even luchten is vaak al genoeg.

Slim besparen zonder risico

Energie besparen is verstandig, maar niet als het ten koste gaat van je huis of gezondheid.

Een te lage temperatuur kan later juist voor extra kosten zorgen.

Met kleine aanpassingen — zoals een minimale temperatuur, lichte verwarming in alle kamers en goede ventilatie — houd je je huis veilig én comfortabel.

Scroll naar boven