De Nederlandse muziekwereld neemt afscheid van gitarist Jan de Hont. De muzikant is donderdag op 83-jarige leeftijd overleden. Zijn familie heeft dat vrijdag bevestigd aan persbureau ANP. De Hont woonde de laatste tijd in het Rosa Spier Huis, een woon- en werkgemeenschap voor oudere kunstenaars.
Jan de Hont stond meer dan zestig jaar op het podium. Hij wordt gezien als een van de grondleggers van de Nederlandse gitaarmuziek.
In de jaren zestig brak hij door als gitarist van ZZ en De Maskers. De band kreeg in 1965 een Edison, omdat zij ‘de enige beatgroep met een origineel Nederlands repertoire’ waren.
Een van zijn bekendste nummers is La Comparsa. Dat was zijn gitaarversie van een Cubaanse pianocompositie van Ernesto Lecuona.
Hij bracht het nummer uit in 1963. Het groeide uit tot een van de meest geliefde instrumentale stukken in de Nederlandse muziek.
Ook in de jaren zeventig bleef De Hont actief. Hij speelde in de begeleidingsband van Neerlands Hoop In Bange Dagen, het cabaretduo van Freek de Jonge en Bram Vermeulen. Daarnaast trad hij op in het buitenland. Zo stond hij onder meer in de beroemde Marquee Club in Londen.
Later werd hij een veelgevraagd sessiemuzikant. Hij werkte samen met artiesten als Jan Rot, The Cats, Fay Lovsky, Frank Boeijen en Boudewijn de Groot.
Ook was hij te zien in het programma Pioniers van de Nederpop van Johan Derksen, met aansluitend een theatertournee.
In mei 2022 nam De Hont afscheid van het podium. Hij speelde toen nog één keer met ZZ en De Maskers tijdens een optreden in Almere.
Met zijn overlijden verliest Nederland een muzikant die een belangrijke rol speelde in de ontwikkeling van de Nederpop.

